Symfonie nr. 5 in cis-moll op. 67 (1807) Deel 2

scannen0002

 

<—– Luister naar op. 67

 

 

Beethovens vijfde is wellicht het machtigste (en zeker het befaamdste) voorbeeld van symfonische beeldkracht en psychologische geladenheid. We zullen dus pogen niet met technische begrippen te vertekenen wat voor het gemoed zo begrijpelijk lijkt…

I

Het “Allegro” opent met het vermaardste motief uit de muziekgeschiedenis, dat, sedert zijn ontstaan, met al even vermaarde, interpretaties werd bedacht…. wij zullen deze wijselijk in het midden laten. Het zeer simpele eerste thema dat zich door zijn kernachtige motivische  bouw van een enorme muzikale en psychologische rijkdom toont, heeft een opmerkelijk lange expositie (meer dan 60 maten) en wordt met de nodige glans besloten. Ook in het tweede thema van deze sonatevorm blijft de ritmische structuur van het initieel motief doorwegen. Weifelende akkoorden roepen achtereenvolgens  een sfeer van onzekerheid op, maar na deze “inzinking” keert het thema nog krachtiger terug, tot het door het eerste in extra-kracht overschaduwd wordt. Hierop volgt een passus vol drift en obstinate ritmiek die tot in de coda doorgetrokken wordt. Het eerste thema verschijnt weer in een overwinningsgestalte, die hier echter niet als finaal kan gelden. 

II

Het “Andante” opent sereen in de alten en celli. Het tweede sluit aan en gaat snel op een feestelijk majeur over. Het openbaart zich spoedig in al zijn majesteit, maar valt op mysterie en een zeker pathos terug. Gewijzigd duikt het eerste thema weer op; andermaal gevolgd door het tweede, dat zijn triomfantelijke loop herneemt, maar weer is voorbestemd om tot resignatie te vervallen. Het eerste thema kan nu weer een aanloop naar de climax nemen, maar na een pauze is het weer de beurt aan een meditatieve passus, waarover het tweede thema moeiteloos triomfeert. Na een tragische verwerking van thema een, duikt dit laatste in het volle orkest op, maar is ook hier weer gehouden in een echo-achtig namijmeren te vervallen.

III 

Het “Scherzo” wordt vooral gekenmerkt door het beginmotief uit de eerste beweging, dat hier in zijn ritmiek in een materiaal-melodische gestalte openbaart. In deze factuur draagt het de volle dreigkracht van deze allegro-beweging. Zeer opmerkelijk en uitzonderlijk is het in de contrabas-partijen openende trio, dat een gefugeerde opzet nastreeft. Hierna wordt het eigenlijke Scherzo hernomen en wint hierbij nog meer aan dreigkracht.

IV  

De evolutie van de Scherzo naar de “Allegro” finale is uiteraard zeer spanningsrijk en leidt tot een overwinningsfanfare die, over een passus vol dreigende akkoorden en later vrolijke motivische verwerking, tot een indrukwekkende presto-finale voert.

Bron: kopie van muziekboek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s