Septet in Es voor 4 blazers en 3 strijkers op.20

DSCN0115

 

 

 

<—- Luister naar het septet op.20

                       

Deel 1. Adagio – Allegro con brio  

Deel 2. Adagio Cantabile   

Deel 3. Tempo di Menuetto      

Deel 4. Thema con Varizione. Andante  

Deel 5. Scherzo. Allegro molto e vivace

Deel 6. Andante con molto alla Marcia – Presto

Het Septet voor vier blazers en drie strijkers in Es , op. 20 werd op 2 april 1800 in het Hofburgtheater te Wenen voor het eerst in het openbaar ten gehore gebracht. Voordien was het reeds te horen geweest op een besloten bijeenkomst bij Prins Schwarzenberg. Beethoven had het werk opgedragen aan Keizerin Maria Theresia, de tweede vrouw van Keizer Franz II (zij overleed in 1807, op 34-jarige leeftijd na de geboorte van haar twaalfde kind…)

De vriendelijke, maar bepaald niet overweldigende bijval die het werk van zowel publiek als kritiek ten deel viel, wees er niet op dat dit Septet binnen niet al te lange tijd tot een van de favorieten van het Weense publiek zou worden en dat Beethoven hierdoor een zeer populaire figuur werd. Die populariteit heeft het werk tot op de huidige dag behouden. Een gevolg van die snelle populariteit echter was het verschijnen van talloze bewerkingen in-arrangementen voor vaak belachelijke combinaties van instrumenten.

Op 15 december 1800 bood  Beethoven het Septet aan de uitgever Franz Anton Hoffmeister aan en een maand later deelde hij Hoffmeister mee een honorarium te willen ontvangen van 20 Dukaten, hetzelfde bedrag dat hij had gekregen voor zijn Eerste symfonie op.21 en voor zijn Pianosonate op. 22. Maar toen het werk in het najaar van 1802 in druk verscheen, kwam er tegelijkertijd al een bewerking (door de uitgever gemaakt!) voor twee violen, twee altviolen en cello van uit,  dat als een echt kwintet van Beethoven werd aangekondigd. Beethoven voelde zich enkele maanden later gedwongen toe te geven dat deze bewerking van hemzelf was, maar een feit is dat de enige door hem zelf vervaardigde en dus authentieke bewerking die was welke hij maakte voor piano, klarinet (of viool) en cello en die op 8 november 1803 als zijn op.38 verscheen. Dit alles maakt begrijpelijk dat Beethoven zelf langzamerhand een hekel begon te krijgen aan zijn eigen Septet dat door de populariteit zijn andere werken overschaduwde . Hij vond het “natürliche Empfindung aber wenig Kunst”.

Beziet met het Septet in het kader van Beethovens totale ontwikkeling, dan komt het naar voren als hoogtepunt en afsluiting van zijn eerste scheppingsperiode. Daarnaast vormt het met Schuberts Oktet het onbetwiste hoogtepunt uit de literatuur voor de combinatie strijkers-blazers. Het werk stoelt duidelijk op de grote 18-eeuwse traditie van onbekommerde vermaaksmuziek, maar balanceert stilistisch gezien op de grens van twee muziektijdperken: het blikt terug en wijst vooruit. Beethoven heeft na dit Septet ook geen kamermuziek voor blazers meer geschreven – ondanks hun hogere opusnummers zijn het Oktet in Es op.103, het Sextet in Es op.81b en het Sextet in Es op.71 alle eerder uit zijn pen gevloeid en wel in resp. 1792, 1794/95 en 1796. De natuurlijke voortzetting  van het Septet vinden we in de Eerste symfonie op.21, op welk werk het Septet ook reeds vooruitwijst en dat ook in het voetspoor ervan ontstond, waardoor deze symfonie eveneens op 2 april 1800 zijn wereldpremière kon beleven.

Inspiratiebron voor Beethoven bij het schrijven van zijn Septet is ongetwijfeld Mozarts laatste  Divertimento (nr.17 in D, KV (Köchel Verzeichnis) 334) uit 1779 geweest; hij gebruikte hetelfde aantal delen en hun rangschikking. Het in het derde deel (‘Tempo di Menuetto”) optredende thema ontleende de componist aan het tweede deel van zijn eigen pianosonate nr. 20 in G op. 49 nr. 2. Het thema waarop de variaties in het vierde deel zijn gebaseerd kan teruggevoerd worden tot een oud Nederrijns volksliedje  (“Ach Schiffer, lieber Schiffer”) wanneer men afgaat op een in 1828 door Andr. Kretschmer gepubliceerde bundel met Duitse Volksliederen.

Maar het is ook heel wel mogelijk dat in deze bundel het thema van Beethoven van een tekst werd voorzien en als “volksliedje”  voorgesteld… Er is namelijk nimmer een bewijs voor gevonden dat dit thema reeds voor Beethovens tijd bestond.

Bron: Lp – Beethoven Septet – 1978 – EMI 5N 037-26 014

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s